De biomassa centrale. Een verklaring van geen bezwaar? Of toch maar niet?

De door Nuon geplande biomassacentrale is een onderwerp waar veel Diemenaren zich ernstig zorgen over maken. De centrale is omstreden vanwege de uitstoot van onder andere fijnstof, stikstof en CO2. De duurzaamheid van het verstoken van biomassa, zeker in deze hoeveelheden, staat ter discussie. Hieronder vind u de spreektekst van Bert Timmer (gemeenteraadslid VVD fractie) over het wel of niet afgeven van een verklaring van geen bezwaar.

Het kind dat wij waren

Wij leven ’t heerlijkst in ons verst verleden:

De rand van het domein van ons geheugen,

De leugen van de kindertijd, de leugen

Van wat wij zouden doen en nimmer deden.

(E. du Perron)

Bert Timmer, VVD fractie

Vanavond spreken we in deze raad voor de derde keer over het wel of niet afgeven van een Verklaring van geen bedenkingen biomassaketel Nuon, Overdiemerweg 35.

We spraken er eerder over op 17 januari en op 31 januari. Op 31 januari 2019 hebben we als VVD fractie met grote tegenzin ingestemd met het afgeven van de ontwerp verklaring van geen bedenkingen, louter en alleen om het juridische proces mogelijk te maken.

Daarbij hebben we toen twee moties gesteund: de motie om een second opinion te vragen over de mogelijkheden die we als raad hebben in dit dossier en een motie over de zorgen van de raad in verband met de mogelijke komst van een biomassaketel in Diemen. Het college is in die laatste motie onder meer verzocht om met Nuon tot heldere, eenduidige en bindende afspraken te komen, om zoveel mogelijk zorgen weg te nemen of minstens sterk te verminderen. Op de uitvoering van beide moties kom ik straks terug.

Er is sedert 31 januari veel gebeurd in dit dossier, in Diemen, maar ook er buiten.

De fractie van de VVD wil vooraf opmerken dat er keihard is gewerkt in dit dossier. Onze eigen ambtelijke organisatie heeft vele extra uren gemaakt en heeft bergen werk verzet, waarvoor veel dank! Helaas is mogelijk de werkdruk in dit dossier één Diemense bestuurder noodlottig geworden. Jorrit Nuijens was voor Diemen het gezicht in deze zaak en heeft er hard aan gewerkt. We zijn ook hem daarvoor dank verschuldigd.

Het college van Burgemeester en Wethouders van Diemen vraagt ons om op 11 juli 2019 in te stemmen met het besluit om aan Nuon een Verklaring van geen bedenkingen af te geven, zodat de provincie een vergunning kan verlenen voor het realiseren van een biomassaketel aan de Overdiemerweg 35.

Er ligt erg veel materiaal: veel is niet altijd goed, meer is niet altijd beter. Het lijkt in dit dossier, dat op elke ingeslagen en onderbouwde richting ook weer de andere kant kan worden belicht. Er is nog veel onduidelijk en ook de wetenschap is zoekende. Intussen ontwikkelt ons denken over het klimaat zich sterk bijvoorbeeld in het Klimaatrakkoord, maar ook de rechtspraak geeft steeds meer richting.

De uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 is baanbrekend en zet Nederland op zijn kop. Het komt er kort op neer dat bij vergunning verlening (in deze casus op grond van PAS) niet vooruit gelopen mag worden op toekomstige nog onzekere milieu winst. Is deze uitspraak naar analogie toe te passen op deze vergunning verlening en verklaring van geen bedenkingen? Ik vraag dit aan het college!

Intussen is er in de Provincie een nieuw bestuur gekozen en een nieuw coalitie akkoord gesloten tussen GroenLinks, VVD, D’66 en de PvdA. Ik lees in dat coalitieakkoord:

“Biomassacentrales.

Er is steeds meer maatschappelijke weerstand tegen biomassacentrales, onder andere omdat deze veel fijnstof uitstoten. Wij wenden onze invloed aan om de uitbreiding van bestaande of bouw van nieuwe grootschalige biomassacentrales tegen te gaan.”

Het college heeft bij de vergaderstukken van deze vergadering een ongedateerde brief van de Provincie Noord Holland gevoegd waarin het provinciaal bestuur aangeeft het PAS niet nodig te hebben voor deze vergunning, en dat dus de uitspraak van de Raad van State hier geen functie heeft maar de analogie is evident. Dus nogmaals de vraag aan het college: welke mogelijkheden zijn er om de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 naar analogie hier toe te passen?

Verder schrijft de provincie in de ongedateerde brief dat deze vergunningsaanvraag al in een zo ver gevorderd stadium is, dat het onzorgvuldig zou zijn die onder de werking van het nieuwe coalitie akkoord te brengen. De provincie geeft daarbij aan dat de ontwerp vergunning al ter visie heeft gelegen. Ik merk op dat het hier uitdrukkelijk om een ontwerp gaat, dus er is nog niets definitief verleend. Er kan dus nog veel, daarvoor is dan toch juist een ontwerp? Hoe kijkt het college van Diemen daar tegen aan?

De vergunningsaanvraag is nagenoeg ongewijzigd, er zijn wel veel wijzigingen in de naam van de vergunninghouder: het is een Zweeds bedrijf, met oog voor het welzijn van onze planeet, zo zeggen zij zelf. In Zweden in ieder geval wel, ik hoop ook in Nederland. De oorspronkelijke vergunningsaanvraag stond op naam van N.V. Nuon Energy (2-8-2018) en sinds 5 maart 2019 heet het bedrijf dan Vattenfall Power Generation Netherlands B.V. Een klein bedrijf met 30 medewerkers. Bij de raadstukken voor deze vergadering trof ik evenwel nog de aanvraag aan op naam van N.V. Nuon Energy. Weet het college wie onze echte wederpartij is in deze?

Gewoon voorlopig gas blijven gebruiken is beter dan nu overgaan op bio massa, zo lijkt het, zeker voor Diemen. Waarom is dat geen optie? Hoe staat het college daar tegen over?

Het centrale criterium voor het wel of niet afgeven van een verklaring van geen bedenkingen is: goede ruimtelijke ordening. Goede ruimtelijke inpassing. Wat is dat dan? Hoe moet dat hier gewogen worden? Daarover zijn adviezen gegeven, onder meer door Six advocaten en door Höcker advocaten.

De advisering van Höcker advocaten, Koos van den Berg, is in opdracht van het presidium van de gemeenteraad Diemen en geeft uitvoering aan de op 31 januari unaniem aangenomen en daartoe strekkende motie.

Dit advies geeft uitvoerig en met kracht van argumenten aan dat een goede ruimtelijke ordening zich verzet tegen het verlenen van planologische medewerking aan de gevraagde oprichting en inbedrijf neming van de nieuwe biomassa centrale. Het college legt dit advies geheel ter zijde. De VVD vindt dit onbegrijpelijk.

Verder heeft Nuon in de onderbouwing van de aanvraag en met diverse documenten onderbouwd dat de biomassa centrale aan strikte voorwaarden voldoet en een positieve bijdrage aan de afname van CO2 KAN leveren, vooruitlopend op en naast andere groene warmte bronnen. Kan leveren, dus het is niet zeker en volgens de Raad van State mag er niet vooruit gelopen worden op toekomstige milieu winst. Hoe kijkt het college daar tegen aan?

Waarom zit het advies van Höcker niet bij de college voordracht, maar wel het commentaar van Six daarop? Dit is jammer en niet transparant. Het advies had er in de optiek van de VVD gewoon bij horen te zitten.

Six: adviseur van het college, Höcker adviseur raad n.a.v motie second opinion. Dit laatste advies biedt ons mogelijkheden om de publiekrechtelijke weg te bewandelen, namelijk het niet verlenen van de vvgb. We hebben als raad toch niet voor niets een second opinion gevraagd?

Het beginsel van de rechtszekerheid is belangrijk, maar het zou wel eens onbehoorlijk kunnen zijn als we niet zouden kijken naar alle ontwikkelingen en zo maar deze verklaring nu afgeven. Wat vindt het college daarvan?

Welk risico lopen wij als de raad de vvgb niet afgeeft? Six advocaten doet een poging hier wat over op te merken.

Echter, het klopt dat een vernietigd besluit onrechtmatig is, maar dit betekent niet dat daarmee ook een vordering van vertragingsschade zou kunnen worden toegewezen. Voordat een potentiële claim van Nuon enig gewicht in de schaal hoort te leggen bij de besluitvorming in onze raad, dient eerst volledig in kaart te worden gebracht wat de risico’s zijn. Six advocaten heeft dit in haar advies nagelaten. Wij vragen het college daar alsnog onderzoek naar te doen.

De gemeenteraad kan altijd nog besluiten om alsnog de VVGB af te geven?

Een tweede belangrijke punt dat Six advocaten niet behandelt is het relativiteitsvereiste (6:163 BW) en eigen schuld (6:101 BW) die ook van invloed zijn op het potentiële schaderisico. Immers wanneer de provincie zelf geen duidelijkheid heeft verschaft ten aanzien van de Wnb-ontheffing kan dit toch aan de provincie worden toegerekend op grond van eigen schuld?

Als Nuon nu al voorbereidingen treft en het zeer onzeker is of de vergunning en vvgb zal worden afgegeven, dan neemt Nuon zelf bewust een groot risico, welk risico niet op de gemeente Diemen kan worden afgewenteld.

De advisering is onvolledig en maakt op geen enkele manier potentiële schaderisico’s inzichtelijk. Het lijkt meer op bangmakerij zonder enige onderbouwing. Hoe denkt het college hierover?

Ter uitvoering van de tweede motie is een convenant opgesteld, een mogelijke afspraak tussen de gemeenten Diemen, Almere, Amsterdam, Weesp, Gooise Meren, de Provincie Noord Holland en Nuon.

Wat is deze mogelijk te sluiten overeenkomst waard?

Het is altijd te verkiezen om als overheid de publiekrechtelijke weg te bewandelen. Gaat dit om wat voor reden niet, dan kan de civielrechtelijk weg worden ingeslagen.

Er is dus gepoogd om een aantal afspraken met Nuon te maken, voor het geval de bio massa centrale er komt.

Nuon zal zich aan de wet houden, dit is toch wel een erg open deur, zo lezen we in artikel 2.1 en 2.2 van het concept convenant.

Waar komt de bio massa in de haven? Dit is nog volstrekt onduidelijk. Nuon zal zorgen voor vervolg transport via elektrische vrachtauto’s als dit bedrijfseconomisch verantwoord is, zo lezen we in artikel 4 van het concept convenant. Dit zal voorlopig zeker niet zo zijn, dus gewoon dieseltrucks voor het vervolgtransport, zeker als dat wat verder weg is. Of zien we dat verkeerd?

Uiterlijk In 2045 zijn we van de bio massa af, staat in artikel 1.5 van het convenant. Dat is nog erg ver weg en hoe is dit te rijmen met een betere afspraak dan er volgens de wettelijk regels al zijn?

Hoe zit het met de afdwingbaarheid en controleerbaarheid? Je kunt er zo van af, zo lezen we in artikel 8.6. Graag willen we hierover ook nadere uitleg van het college.

Verder bevat het convenant veel  inspanningsverplichtingen en geen resultaatsverplichtingen, maar dan wel een Fonds, voor een heel beperkte groep en een beperkt doel: is dit een doekje voor het bloeden? Artikel 5.

Het fonds is alleen voor inwoners tot het sociaal minimum van Diemen, Weesp en Gooise Meren; voor inwoners van Almere en Amsterdam is dit niet nodig?

Er leven bij de fractie van VVD nog vele vragen, alvorens wij tot een beslissing kunnen komen.

We staan hier voor een van de belangrijkste beslissingen van onze raad sedert jaren. Het gaat hier om het welzijn van onze inwoners en om het vertalen van de uit die samenleving opgevangen geluiden. Het gaat hier dus ook om de geloofwaardigheid van het de politiek en het bestuur.

Laten we niet voortgaan op de weg zoals in mijn eerste regels aangehaalde vers:

Dus niet wat we zouden doen en nimmer deden, maar werkelijk nu adequaat handelen! Wij zien uit naar de beantwoording van het college. Tot zover.